Persbericht

 
 


Land- en Tuinbouworganisatie Nederland

Postbus 29773, 2502 LT  Den Haag

Bezoekadres            : Prinsevinkenpark 19, Den Haag

Bankrekening            : 35.76.06.760

Telefoon                     : 070- 3382 701

Fax                               : 070- 3382 811

Website            : www.lto.nl

 

 

 

 

 

 

Uitgangspunten van kabinet niet terug te vinden

 

'Kaderrichtlijn Water molensteen

om nek van boeren en tuinders'

 

 

De Europese Kaderrichtlijn Water en de wijze waarop deze tot nu toe in ons land wordt uitgewerkt, vormt een bedreiging voor de land- en tuinbouw. Er wordt nog steeds gekozen voor een eenzijdige ecologische benadering en de kosten van toekomstige maatregelen lijken vooral op de agrarische sector te worden afgewenteld. Het beloofde maatwerk en de gebiedsgerichte benadering zijn vooralsnog onzichtbaar, stelt Henk Veldhuizen, voorzitter van de LTO werkgroep Water.

 

Bij de uitwerking van de EKW gaat het kabinet voorbij aan haar eigen uitgangspunten, die het eerder heeft geformuleerd, concludeert LTO naar aanleiding van de nota, die staatssecretaris Schultz (VenW) eind vorig jaar aan de Tweede Kamer heeft gestuurd. Deze zogenoemde decembernota is de eerste in een serie van drie nota’s, waarin een tussenstand wordt opgemaakt van de maatregelen die tot 2015 moeten worden genomen om de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater te garanderen. De nota van Schulz is een aanloop naar beheersplannen voor de stroomgebieden van de grote rivieren. 

 

”Het kabinet heeft in 2004 zelf aangegeven dat maatwerk nodig is. Bij doelen en maatregelen zou een gebiedsgerichte  benadering worden gekozen, maar daar zie ik amper wat van terug”, zegt Velhuizen. Het lijkt er op dat de land- en tuinbouw aan alle kanten de duimschroeven aangedraaid krijgt, waardoor op veel plaatsen de agrarische activiteiten sterk worden beperkt of zelfs onmogelijk worden. Als niet wordt bijgestuurd wordt de richtlijn volgens de LTO-bestuurder een molensteen om de nek van boeren en tuinders. Ook van de gewenste vernieuwing in het waterbeheer- en gebruik in relatie tot agrarische activiteiten in de eerste nota weinig terug te vinden. 

 

De gevolgen van de kaderrichtlijn Water voor de land- en tuinbouw worden volgens Veldhuizen door vrijwel iedereen onderschat, óók in de agrarische sector. Als de kwaliteitseisen voor natuurlijke wateren leidend worden, zal een groot deel van de agrarische bedrijven moeten stoppen. Een deltagebied kent door de toestroom van hoger gelegen gebieden van oudsher een grotere voedselrijkdom. LTO Nederland wil dat de overheid de eenzijdige benadering loslaat en bij de uitwerking van de Europese richtlijn realistische en haalbare doelen gaat aanhouden.

 

De LTO-bestuurder wijst er op, dat de kosten van waterkwaliteitsdoelen afgezet moeten tegen andere gewenste (milieu-)investeringen. Land- en tuinbouw hebben juist op het terrein van duurzaamheid de afgelopen tien tot vijftien jaar grote prestaties geleverd. Inclusief het tot 2009 uitgezette beleid wordt een forse slag gemaakt, stelt Veldhuizen. Hij vindt dat nu eerst andere sectoren aan de beurt zijn.

Daarnaast laat een rigide toepassing van het principe ‘geen achtergang' zich niet rijmen met de dynamiek in de land- en tuinbouw. Veranderingen in grondgebruik en bedrijfsvoering kunnen immers leiden tot andere emissies. De vrees van LTO is dat de landbouw op slot komt te staan en bedrijfsontwikkeling wordt belemmerd.

 

Onlangs nog heeft LTO in een gesprek met staatssecretaris Schulz benadrukt, dat waterschappen andere oplossingen voor ogen hebben op weg naar een betere waterkwaliteit. Ze zoeken het vooral in de sfeer van inrichtingsmaatregelen, zoals natuurvriendelijke oevers, diepere sloten en geulen door baggeren en dergelijke. LTO wil het overleg met de staatssecretaris voortzetten en zal bij de Tweede Kamer aandringen op een hoorzitting. De organisatie zal nadrukkelijker stelling gaan nemen waar het gaat om doelstellingen van de richtlijn, de toekomstige maatregelen en inspanningen van de diverse sectoren in d land- en tuinbouw.