Voor printversie klik hier.
Land- en Tuinbouw Organisatie Noord
Nieuwsbrief sociaal-economisch beleid nummer 1 december-januari

Inleiding

Per 1 januari 2008 zijn de belastingtarieven, accijnzen, (werkgevers)premies en uitkeringen gewijzigd. In deze nieuwsbrief zijn de belangrijkste wijzigingen weergegeven. In de volgende hoofdstukken wordt ingegaan op de belastingpremies, accijnzen, (werkgevers)premies en de wijzigingen in de uitkeringen.


Inkomstenbelasting

Onderstaande tarieven inkomstenbelasting voor belastbaar inkomen uit werk en woning (box 1) gelden per 1 januari 2008.

.

Belastbaar inkomen

in €

Belasting-

tarief

Tarief premie volksverzekering

Totaal tarief

Heffing over totaal van de schijven

......................................

....................

................................ ................. .......................

Jonger dan 65 jaar

in €

0 tot 17.579

2,45%

31,15%

33,60%

5.906

17.579 tot 31.589

10,70%

31,15%

41,85%

11.769

31.589 tot 53.860

42%

42%

21.112

meer dan 53.860

52%

52%

65 jaar en ouder

0 tot 17.579

2,45%

13,25%

15,75%

2.727

17.579 tot 31.589

10,70%

13,25%

23,50%

5.970

31.589 tot 53.860

42%

42%

15.185

meer dan 53.860

52%

52%

.

In Box 2 is het belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang weergegeven. Voor het belastingjaar 2008 bedraagt de belasting op het gehele belastbare inkomen uit aanmerkelijk belang weer 25%. Voor het belastingjaar 2007 gold tijdelijk een extra tariefschijf van 22% voor zover het aanmerkelijk belang inkomen lager was of gelijk aan € 250.000.
In 2008 bedraagt de belasting op het belastbare inkomen uit sparen en beleggen (box 3) 30%.
.

Vennootschapsbelasting

Tarieven vennootschapsbelasting in 2008 bij een winst van:

.

Winst (in €)

% vennootschapsbelasting

........................... .......................................

0 - 40.000

20,0%

40.000 - 200.000

23,0%

meer dan 200.000

25,5%


Dieselaccijns

Per 1 juli 2008 wordt de accijns op blanke en rode diesel verhoogd met € 0,03 per liter. Dit betekent dat de accijns op rode diesel € 0,077 per liter gaat bedragen.

Bron: Ministerie van financiën.
.

Premiepercentages per 1 januari 2008

Per 1 januari 2008 zijn een aantal werkgeverspremies gewijzigd. Zie hiervoor het onderstaande overzicht.

.

Premiepercentages per 1 januari 2008

2007

2008

verschil

....................................................... ................ ...............
AOW

17,90

17,90

0,00

A ANW

1,25

1,10

-0,15

A AWBZ

12,00

12,15

0,15

B WAO/WIA-basispremie (Aof)

5,15

5,65

0,50

B Uniforme WAO-premie (Aok)

0,48

0,15

-0,33

B WGA-rekenpremie (Werkhervattingskas)

0,75

0,57

-0,18

C Awf werkgeverspremie

4,40

4,75

0,35

D Awf werknemerspremie

3,85

3,50

-0,35

E ZVW-inkomensafhankelijke bijdrage werkgevers

6,50

7,20

0,70

UFO

0,78

0,78

0,00

UFO-ERD ZW

0,72

0,72

0,00

F Sectorpremie gemiddeld

0,99

1,02

0,03

G Opslag UFO en sectorpremie (kinderopvang)

0,28

0,34

0,06

Bedragen in euro's
Max.premieloon werknemersverzekeringen

172,48

177,03

4,55

Max. bijdrageloon ZVW per jaar

30.623,00

31.231,00

608,00

Franchise Awf-premie per dag

60,00

61,00

1,00



Om het exploitatiesaldo van het ANW-fonds terug te brengen, wordt de ANW-premie met 0,15%-punt verlaagd. Om lasten- en koopkrachteffecten te voorkomen wordt de AWBZ-premie met 0,15%-punt verhoogd (zie a). Het UWV heeft de Aok-premie en de WGA-rekenpremie lager vastgesteld dan in 2007. De effecten op de lasten voor werkgevers worden opgevangen door de WAO/WIA-basispremie te verhogen (zie b). Het opleidingsfonds voor medisch specialisten is per 2008 definitief overgeheveld van het ZVW-fonds naar de begroting VWS. Dit zorgt voor een lagere ZVW-premie, hetgeen voor het werkgeversdeel wordt gecompenseerd door een verhoging van de Awf-premie met 0,40%-punt. Om de lastenstijging door de hogere sectorpremie te voorkomen wordt de Awf-premie verlaagd met 0,05%-punt (zie c) In verband met het koopkrachtpakket wordt de Awf-premie met 0,35%-punt verlaagd. (zie d). Door de stijgende zorgkosten stijgt de inkomensafhankelijke premie met 0,70%-punt (zie e). Het UWV heeft de gemiddelde sectorpremie 0,03% hoger vastgesteld dan in 2007. Om een lastenstijging voor werkgevers te voorkomen wordt de Awf-premie met 0,05%-punt verlaagd
(zie f). De opslag op de UFO-premie en de sectorfondspremie in verband met de verplichte werkgeversbijdrage kinderopvang wordt verhoogd met 0,06%-punt. Dit houdt verband met de gestegen kinderopvangkosten (zie g).
.


Veranderingen in de sociale verzekeringen per 1 januari 2008

Uitkeringen zoals de AOW, ANW, WW, WIA, WAO en Wajong gaan vanaf 1 januari 2008 omhoog. De verhogingen worden doorgevoerd omdat de uitkeringen zijn gekoppeld aan het wettelijk minimumloon. Het minimumloon stijgt van € 1317,00 naar € 1335,00 euro bruto. De aanpassingen zijn nodig omdat ook de lonen en de prijzen de afgelopen tijd zijn gestegen. De kinderbijslag (die valt onder de minister voor jeugd en gezin) gaat niet omhoog. AOW’ers zien hun netto uitkering bijvoorbeeld met tussen de 8 en de 11 euro per maand stijgen. Hoe hoog het bedrag precies is, hangt af van de persoonlijke situatie. De netto-uitkering van een alleenstaande AOW’er gaat bijvoorbeeld met ruim 11 euro omhoog naar 914 euro per maand. Echtparen waarvan beide partners 65 jaar of ouder zijn, krijgen in totaal netto 16 euro per maand erbij. Hun gezamenlijke netto-uitkering komt dan uit op 1251 euro per maand. Dat is exclusief vakantietoeslag en de tegemoetkoming AOW. Deze tegemoetkoming wordt aan alle AOW-ers uitbetaald en het bruto bedrag bedraagt in 2008 14,86 euro per maand. Ook mensen met WW, WIA en WAO gaan er over het algemeen op vooruit. De uitkeringen worden verhoogd met 1,37%. De absolute stijging is lastiger aan te geven omdat die nog meer dan bij de AOW afhangt van persoonlijke omstandigheden. Zo is bijvoorbeeld ook van belang hoe hoog hun inkomen was voordat zij een uitkering kregen. Voor de berekening van de uitkering geldt bovendien een maximum inkomen; verdient men meer dan telt het deel boven dat maximum niet mee bij het bepalen van de uitkering. Dit zogeheten maximumdagloon wordt per 1 januari 2008 vastgesteld op 177,03 euro bruto per dag. Verder wordt er per 1 januari de kindertoeslag geïntroduceerd (die ook valt onder de minister voor jeugd en gezin) en is er een aanpassing in de Toeslagenwet.

.

Algemene Ouderdomswet (AOW)

AOW’ers die getrouwd zijn of samenwonen hebben elk een eigen recht op een AOW-pensioen. De hoogte daarvan is gelijk aan de helft van het netto minimumloon. De AOW voor een alleenstaande bedraagt 70 procent van het netto minimumloon en dat voor een eenoudergezin 90 procent. Bij die laatste groep gaat het om pensioengerechtigden die een kind hebben jonger dan achttien jaar voor wie zij kinderbijslag ontvangen. Voor gehuwde AOW’ers van wie de partner jonger is dan 65, gelden afwijkende regels. Normaal gesproken is het pensioen gelijk aan 50 procent van het minimumloon (de uitkering voor een gehuwde). Daarbovenop komt een toeslag van maximaal hetzelfde bedrag (bruto 673,84) (deze toeslag komt overigens te vervallen per 1 januari 2015). Echter, is het recht op pensioen al ingegaan voor 1 februari 1994 dan valt de AOW’er onder een overgangsregeling en is het pensioen 70 procent van het netto minimumloon. De toeslag is dan maximaal 30 procent. Hieronder staan de uitkeringsbedragen per 1 januari 2008. In deze bedragen is nog geen rekening gehouden met de tegemoetkoming AOW van 14,86 euro bruto.
.

AOW Uitkering bruto p/m in € Vakantieuitkering bruto p/m in €
........................................................ .....................
Gehuwden

673,84

38,35

Gehuwden met maximale toeslag

(partner jonger dan 65 jaar)

1347,68

76,70

Maximale toeslag

673,84

Ongehuwden

984,86

53,68

Ongehuwd met kind tot 18 jaar

1222,72

69,02

AOW pensioen ingegaan voor 1-2-1994

Gehuwd zonder toeslag

(partner jonger dan 65 jaar)

984,86

53,68

Maximale toeslag

362,82

Gehuwden met maximale toeslag (partner jonger dan 65 jaar)

1347,68

76,70

.

De toeslag bedraagt maximaal 673,84 euro bruto per maand. Hoe hoog de toeslag precies is, hangt af van het inkomen van de werkende jongere partner. Een deel van het inkomen wordt namelijk van de toeslag afgetrokken. Als het bruto-inkomen van de jongere partner hoger is dan 1211,01 euro bruto heeft de AOW’er helemaal geen recht op toeslag. Het berekenen van de hoogte van de toeslag gaat als volgt: De eerste 200,25 euro van het partnerinkomen is vrijgesteld. Ook een derde deel van het inkomen daarboven telt niet mee. Als de partner dus 1000 euro bruto verdient, telt de eerste 200,25 niet mee. Ook is een derde deel van (1000-200,25) 799,75 vrijgesteld, wat uitkomt op 266,58 euro. In totaal is dan 466,83 euro vrijgesteld. Van de toeslag wordt dus 1000-466,83= 533,17 euro ingehouden.
Als het recht op toeslag voor 1 februari 1994 is ingegaan valt de rechthebbende onder een overgangs-regeling en bedraagt de toeslag maximaal bruto 362,82 euro. Als de partner meer verdient dan 744,48 euro bruto vervalt de uitkering. Dat geldt ook als de partner een sociale verzekeringsuitkering krijgt die hoger is dan dat bedrag. De bij deze bruto bedragen behorende netto-uitkeringen zijn in onderstaand overzicht weergegeven. Hierbij is uitgegaan van de situatie dat betrokkenen geen aanvullend pensioen hebben. Netto AOW gehuwden (exclusief tegemoetkoming AOW). Als beide partners boven de 65 jaar zijn, krijgen zij dus allebei de uitkering.

.

Netto AOW gehuwd in €

1-7-2007 1-1-2008 verschil
.............................................. ........... ........... .............
Per maand

617,11

625,33

8,22

Vakantietoeslag

36,11

35,59

-0,52

Totaal

653,22

660,92

7,70

.

Netto AOW alleenstaanden in €

1-7-2007 1-1-2008 verschil
.............................................. ........... ........... .............
Per maand

902,20

913,96

11,76

Vakantietoeslag

50,55

49,82

- 0,73

Totaal

952,75

963,78

11,03

.

Algemene nabestaandenwet (ANW)

De ANW is een volksverzekering die recht geeft op een uitkering aan volwassenen van wie de partner is overleden. Het kan gaan om een huwelijkspartner of een partner met wie zij ongehuwd samenwoonden. De uitkering bedraagt maximaal 70 procent van het netto minimumloon. Nabestaanden die een kind verzorgen van 18 jaar of jonger waarvan een ouder is overleden, krijgen daarnaast een inkomens-afhankelijke uitkering van 20 procent van het netto minimumloon. Ook weeskinderen komen in aanmerking voor een uitkering. De hoogte van de ANW-uitkering is afhankelijk van het inkomen van de nabestaande. Uitkeringen worden er geheel van afgetrokken. Van inkomen uit arbeid blijft een deel buiten beschouwing (50 procent van het minimumloon plus een derde deel van het meerdere). Nabestaanden die voor juli 1996 al een AWW-uitkering (de voorganger van de ANW) ontvingen, krijgen in ieder geval een bodemuitkering van 30 procent van het bruto-minimumloon, ook als hun inkomen hoger uitvalt dan de bovengenoemde inkomensgrens. In onderstaand overzicht zijn de bruto ANW bedragen opgenomen. De bedragen zijn weergegeven exclusief de tegemoetkoming ANW. Deze bedraagt bruto € 14,86 per maand.

.

ANW

Uitkering

bruto p/m in €

Vakantieuitkering bruto p/m in €
............................................. ............................. ...........................
Maximale nabestaandenuitkering

1042,88

64,69

Halfwezenuitkering

240,23

18,47

Wezenuitkering tot 10 jaar

333,72

20,70

Wezenuitkering van 10 tot 16 jaar

500,58

31,05

Wezenuitkering van 16 tot 21/27 jaar

667,44

41,40

.

Kinderbijslag

Ieder half jaar worden de kinderbijslagbedragen aangepast. De bedragen groeien mee met de ontwikkeling van de prijzen. In de periode tussen april en oktober is er geen stijging van het prijsniveau geweest. Hierdoor worden de bedragen per 1 januari niet aangepast. Op 1 januari 2008 bedraagt het basisbedrag per kind 271,70 euro. Voor kinderen die op of na 1 januari 1995 geboren zijn, is de hoogte van het kinderbijslagbedrag alleen afhankelijk van de leeftijd van het kind. Voor kinderen die geboren zijn vóór 1 januari 1995 of die na 1 oktober 1994, 6 of 12 jaar worden is de hoogte van het kinderbijslagbedrag ook afhankelijk van het aantal kinderen in het gezin. Vanaf 1 januari 2008 gelden in de kinderbijslag de volgende bedragen per kind per kwartaal.

.

Gezinnen met kinderen die voor 1 januari 1995 geboren zijn: 12 t/m 17 jaar

................................................................................. .................
1 kind

271,70

2 kinderen

305,54

3 kinderen

316,82

4 kinderen

341,61

5 kinderen

356,48

6 kinderen

366,40

.

Kinderen geboren op of na 1 januari 1995: deze bedragen blijven gelijk, ongeacht de gezinsgrootte

................................................................................. .................
0-6 jaar

190,19

6-12 jaar

230,95

12-18 jaar

271,70

.

Kindertoeslag

Vanaf 1 januari 2008 komt er een nieuwe toeslag bij: de kindertoeslag. Dit is een tegemoetkoming in de kosten van het onderhoud van kinderen. De kindertoeslag komt in de plaats van de kinderkorting. De kinderkorting is tot en met 2007 een korting op de inkomstenbelasting. Sommige gezinnen kunnen niet of niet volledig profiteren van de huidige kinderkorting (bijvoorbeeld omdat ze te weinig belasting betalen). Van de kindertoeslag kan iedereen profiteren die er recht op heeft. De uitbetaling vindt maandelijks plaats. Een ouder heeft, ongeacht het aantal kinderen, recht op éénmaal kindertoeslag. De hoogte van de kindertoeslag is afhankelijk van het inkomen van de aanvrager en eventuele partner. De kindertoeslag is maximaal € 994,00 per jaar, dit is ruim € 82 per maand. De kindertoeslag is maximaal bij een toetsinginkomen tot € 29.413. Daarna wordt de toeslag afgebouwd met 5,75% van het extra inkomen. Bij een inkomen boven € 46.700 is er geen recht op kindertoeslag. In 2009 zal de kindertoeslag opgaan in het kindgebonden budget.

.

Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong)

De Wajong biedt jonge gehandicapten en studenten die arbeidsongeschikt zijn een uitkering op minimumniveau. De grondslag op basis waarvan de uitkering wordt berekend gaat per 1 januari 2008 omhoog. Ook de grondslagen voor Wajong-gerechtigden beneden de 23 jaar, die worden afgeleid van de minimumjeugdlonen, worden op die datum verhoogd. Per 1 januari 2008 zijn deze bruto grondslagen (exclusief vakantietoeslag) per dag:
.

Leeftijd vanaf ten hoogste €
23 jaar

61,38

22 jaar

52,17

21 jaar

44,50

20 jaar

37,75

19 jaar

32,23

18 jaar

27,93

.
Naast de Wajong-uitkering heeft elke Wajong-gerechtigde onder de 23 jaar recht op een tegemoetkoming. Deze compenseert (deels) de inkomensachteruitgang die de invoering van de Zorgverzekeringswet heeft veroorzaakt.

Leeftijd bruto per maand €
.......................

22 jaar

1,65

21 jaar

4,01

20 jaar

8,13

19 jaar

13,56

18 jaar

14,16

.

Maximumdagloon (WW, WIA en WAO)

Per 1 januari 2008 worden bestaande uitkeringen verhoogd met 1,37%. De hoogte van de WW, WIA en WAO-uitkering hangt mede af van de hoogte van het laatst verdiende loon en het zogenoemde maximumdagloon. Per 1 januari wordt het maximum dagloon verhoogd van 174,64 naar 177,03 euro bruto.
.

Toeslagenwet

De Toeslagenwet en de zogenaamde ‘kopjesregeling’ zorgen voor een aanvulling op een aantal uitkeringen tot het sociaal minimum. Het gaat bijvoorbeeld om de WW, WIA, WAO en ZW-uitkering. Per 1 januari 2008 wordt de ‘kopjesregeling’ opgeheven en de Toeslagenwet uitgebreid. Er ontstaat recht op een toeslag als uitkeringsgerechtigde een uitkering ontvangt die lager is dan het normbedrag. De toeslag vult de uitkering aan tot het normbedrag, maar het totaal van de uitkering en toeslag samen is niet meer dan wat het vroegere loon. Een toeslag op de uitkering kan worden aangevraagd bij het UWV. De toeslag op de Wajong is exclusief vakantiegeld. De hoogte van de normbedragen per 1 januari 2008 zijn als volgt vastgesteld:

.

ZW/WW/WAO/WIA/Wajong

.......... ......................................... ............................................
Gehuwden

61,38

Alleenstaande ouders

55,85

Alleenstaanden:

vanaf 23 jaar

47,17

22 jaar

36,32

21 jaar

30,44

20 jaar

25,40

19 jaar

21,58

18 jaar

18,94

.
De mensen die in 2007 recht hadden op een ‘kopje’ op hun uitkering, ontvangen bericht van het UWV over de nieuwe situatie per 1 januari 2008. Voor mensen die eind 2007 recht op een ‘kopje’ op hun uitkering hebben en die daarnaast nog andere inkomsten hebben, loopt de ‘kopjesregeling’ nog twee maanden door tot 1 maart 2008. Zij hebben per 1 januari 2008 geen recht op een toeslag omdat hun inkomen – hun uitkering en andere inkomsten – boven het normbedrag van de Toeslagenwet uitkomt. Bron Ministerie SZW.
.


Vragen en opmerkingen naar aanleiding van deze nieuwsbrief zijn van harte welkom.

Meer informatie: Jules Sanders, beleidsadviseur Economisch en Sociaal Beleid,

M 06 -41 56 17 18, E jsanders@ltonoord.nl


design & development by Netexpo Internet