Als dit bericht onleesbaar is, klik dan hier.
ltonoord
Land- en Tuinbouw Organisatie Noord
www.ltonoord.nl
Nieuwsbrief Sociaal en Economisch Beleid augustus 2007

Colofon

LTO Noord Nieuwsbrief Sociaal Economisch Beleid is de maandelijkse elektronische nieuwsbrief voor bestuurders van LTO Noord
LTO Noord

Keulenstraat 12
7418 ET Deventer

T 0570 - 66 28 62

F 0570 - 66 28 00

E info@ltonoord.nl

.

LTO Noord Informaticentrum

Deventer T 0570 - 66 28 88

Drachten T 0512 - 30 51 00

Haarlem T 023 - 51 62 360

Redactie

Jules Sanders

E jsanders@ltonoord.nl

Abonnement

Indien u zich wilt afmelden voor deze nieuwsbrief kunt op op deze link klikken

Aanmelden kan hier

Inschrijving Kamer van Koophandel

Vanaf 1 januari 2008 zijn alle ondernemingen verplicht om zich in te schrijven in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. In de Eerste Kamer is onlangs het wetsvoorstel aangenomen voor een nieuwe Handelsregisterwet. De oude wet had ten doel de rechtszekerheid in het economisch verkeer te bevorderen. In de nieuwe opzet van de wet wil men tevens de gegevenshuishouding van de overheid verbeteren en de administratieve lasten van de ondernemer verminderen door het invoeren van een digitaal basisregistratiesysteem. Diverse overheidsinstellingen putten de benodigde gegevens uit dit systeem en bedrijven hoeven dan maar eenmalig hun gegevens te verstrekken.

Het gevolg van deze wetswijziging is dat alle land- en tuinbouwbedrijven zich in moeten inschrijven bij de KvK (en niet alleen de VOF, BV of NV's). In het nieuwe systeem worden alle categorieën ondernemingen en rechtspersonen op dezelfde wijze ingeschreven in het Handelsregister. Dit brengt dus voor alle bedrijven een registratieheffing met zich mee. Deze bedraagt op dit moment circa € 45,- per jaar voor een eenmansbedrijf. LTO Noord gaat ervan uit dat tegenover de heffing voor alle agrarische bedrijven een aanzienlijke administratieve lastenverlichting staat die deze nieuwe aanpak ook daadwerkelijk rechtvaardigt. De verwachting is dat invoering van deze nieuwe heffingsplicht voor bedrijven die zich tot nog toe niet behoefden in te schrijven bij de KvK, in of na 2009 gaat plaatsvinden.


Participatietop

Kabinet, werkgevers, werknemers en gemeenten hebben tijdens de participatietop een belangrijke stap gezet om meer mensen aan de slag te helpen. De partijen delen de noodzaak van versterking van de arbeidsparticipatie en verbetering van het functioneren van de arbeidsmarkt. Ze hebben afspraken gemaakt voor het aan het werk helpen van jongeren, vrouwen, ouderen, allochtonen en gedeeltelijk arbeidsongeschikten. De gezamenlijke ambitie is om de komende periode grote groepen mensen extra aan het werk te helpen. Deze afspraken zijn op de top in een gezamenlijk participatiedocument vastgesteld.
Om de arbeidsmarkt goed te laten functioneren is verbetering van de arbeidsbemiddeling voor werklozen noodzakelijk. Nog teveel openstaande vacatures gaan momenteel hand in hand met een grote arbeidsreserve. Een betere bemiddeling kan worden bereikt door een versterking van de regionale samenwerking. Een goede samenwerking tussen regionale arbeidsmarktactoren maakt een vraaggerichte benadering immers beter mogelijk. Dit is belangrijk, omdat directe contacten met werkgevers de uitvoeringsorganisaties in de gelegenheid stellen om werklozen direct naar werk te bemiddelen. Uit onderzoek is gebleken dat deze op werkgevers gerichte benadering het meest effectief is. Het kabinet, de Stichting van de Arbeid en de VNG hebben daarom afgesproken in de loop van 2007 te bekijken hoe de regionale samenwerking kan worden verbeterd. Albert Jan Maat, voorzitter van LTO Nederland, heeft op de participatietop aangegeven dat als je als agrarische sector met de globalisering meebeweegt, je ook op arbeidsgebied veranderingen moet durven doorvoeren. “Meer mensen aan het werk, het kan omdat de economie zich nu gunstig ontwikkelt en zich nieuwe kansen voordoen.” Ons land kan naar zijn overtuiging met modernisering van arbeidsregels simpelweg niet achterblijven. Ook brak de LTO voorzitter tijdens de participatietop een lans voor een ruimere regeling gelegenheidsarbeid. Onlangs sprak hij hierover met minister Donner (SZW). Op dit moment mogen alleen scholieren en studenten van de regeling gebruik maken. Als het aan LTO ligt moeten alle groepen dit seizoenswerk kunnen doen. Ook maakte de LTO voorzitter in het overleg melding van het digitale werkgeversloket. Dit biedt ondernemers mogelijkheden om hun administratieve lasten, zoals eerste dagmeldingen, sofinummers en zorgverzekeringen te verminderen.


Modernisering ontslagrecht

Het kabinet vraagt werkgevers en werknemers haar uiterlijk 1 september 2007 te adviseren over een kabinetsvoorstel over de arbeidsovereenkomst. Dit voorstel is onderdeel van een brede aanpak van de arbeidsparticipatie door het kabinet. Minister Donner van Sociale Zaken heeft de adviesaanvraag samen met de tweede evaluatie van de Flexwet naar de Stichting van de Arbeid (het overlegorgaan van de sociale partners) en de Tweede Kamer gestuurd. Het kabinet stelt in de aanvraag wijzigingen voor in de arbeidsovereenkomst, onder meer op het punt van beëindiging daarvan. Het kabinet is tot de conclusie gekoen dat wijzigingen in de regeling van de arbeidsovereenkomst noodzakelijk zijn om te komen tot versterking van de arbeidsparticipatie. Die wijzigingen vormen onderdeel van een breder pakket aan maatregelen. De wijzigingen bestaan uit een wederzijdse verplichting tot scholing, een vereenvoudiging van de ontslagregelingen, maximering van de ontslagvergoeding en een betere bescherming van mensen met een tijdelijke arbeidsovereenkomst. Het kabinet is van plan om te komen tot een wettelijke regeling en vraagt om advies van de sociale partners over de inhoud daarvan. Voor wat betreft het beëindigen van de arbeidsovereenkomst komt dit op het volgende neer:
• Het huidige systeem gaat uit van beëindiging via de kantonrechter of het Centrum voor Werk en Inkomen (CWI). Het kabinet wil het voor werkgevers mogelijk maken om de arbeids-overeenkomst te beëindigen zonder eerst naar de rechter te moeten stappen, mits daar goede gronden voor zijn. Hij is dan wel verplicht om een vergoeding te betalen aan de werknemer. Bij ontslag om bedrijfseconomische redenen is de werkgever op grond van de wet niet verplicht een vergoeding te betalen, indien het ontslag vooraf is getoetst door het CWI. De regeling laat onverlet dat vooral bij collectief ontslag een sociaal plan wordt overeengekomen waarin wel vergoedingen worden afgesproken.
• Het kabinet wil de hoogte van de wettelijke ontslagvergoeding stellen op een maandsalaris per dienstjaar, vermeerderd met een opslag voor oudere werknemers. Bij hen tellen de dienstjaren tussen 40 en 50 jaar anderhalf keer en vanaf 50 jaar twee keer mee voor de berekening van de ontslagvergoeding. De ontslagvergoeding bedraagt maximaal een jaarsalaris, tenzij het jaarsalaris lager is dan € 75.000,--. In dat geval ligt het maximum bij dat bedrag. In geval van oudere werknemers ligt dit maximum bij € 100.000,--.
• Verder komt er een wederzijdse scholingsplicht. Werkgevers worden verplicht om werknemers te scholen en werknemers om scholing te volgen. De kosten hiervan kunnen door de werkgever tot een kwart van het maandsalaris per dienstjaar worden verrekend met de ontslagvergoeding.
• In samenhang hiermee wil het kabinet de rechtspositie van tijdelijke werknemers verbeteren. De tweede evaluatie van de Flexwet geeft daar ook aanleiding toe. De vrijheid om af te wijken van de wettelijke regeling die geldt voor tijdelijke contracten wordt ingeperkt. Dat betekent, dat na drie jaar of bij het vierde contract altijd een vast contract ontstaat. De periode van drie jaar kan nog wel door sociale partners bij CAO worden verlengd, maar alleen als er sprake is van contracten met een minimale duur van een jaar. Het kabinet vindt het wel wenselijk, dat als een werknemer langer dan drie jaar op een tijdelijk contract in dienst is, de werkgever na afloop daarvan een vergoeding moet betalen, over de jaren na het derde dienstjaar. Hiermee wordt het verschil tussen mensen met een tijdelijke en vast arbeidsovereenkomst verkleind.
VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland zijn tevreden dat het kabinet het ontslagstelstel moderniseert. Met deze doorbraak komt een einde aan de ingewikkelde, tijdrovende en dure ontslagprocedure via de kantonrechter. De ontslagvergoeding wordt aan een maximum gebonden. Scholingskosten worden van de vergoeding afgetrokken. De CWI route blijft bestaan voor ontslag om bedrijfseconomische redenen. Het huidige ontslagstelsel dateert uit de bezettingstijd. Eerdere akkoorden tussen werkgevers en vakbonden over modernisering van het ontslagrecht strandden het afgelopen jaar bij de achterban van de bonden. Daarom is het op de participatietop formeel niet aan de orde geweest. Het kabinet heeft nu, zoals aangekondigd, zelf de knoop doorgehakt. In zijn brief geeft het kabinet aan voornemens te zijn om het ontslagrecht te moderniseren. Voor september 2007 wordt nog een formele poging gedaan om met de vakbeweging op één lijn te komen. De drie werkgeversorganisaties hopen dat het nieuwe stelsel op 1 januari 2008 in werking kan treden. Werkgevers zijn onder voorwaarden bereid om een serieuze aanval te doen op de langdurige werkloosheid. Zij willen hun vacatures proberen te vervullen met langdurig werklozen. Of dit plan ook werkelijk door kan gaan hangt wél af van de uiteindelijke vormgeving van een nieuw ontslagstelsel en van aanvullende maatregelen die het mogelijk moeten maken langdurig werklozen een kans te geven op een baan in de marktsector.


Meer chronisch zieken en gehandicapten aan het werk

Meer mensen met een chronische ziekte of handicap hebben een baan. Tussen 2003 en 2005 nam de arbeidsparticipatie van chronische zieken toe van 31 naar 39 procent. Tegelijkertijd halveerde tussen 1999 en 2005 de tijd die deze mensen wegens ziekte verzuimden. Ook daalde het aantal mensen dat volledig arbeidsongeschikt is van 78% in 1999 naar 67% in 2005 (Rapport Kerngegevens Maatschappelijke situatie 2006, onderzoeksinstituut NIVEL). Het kabinet wil nog meer mensen met een chronische ziekte of handicap aan een baan helpen. Zo zullen er 10.000 brugbanen komen voor gedeeltelijk arbeidsongeschikten. Ook gaat het kabinet door met de campagne “Geknipt voor de juiste baan” om werkgevers te overtuigen dat gedeeltelijk arbeidsgeschikten goede en gemotiveerde werknemers zijn.


Steeds meer ouderen werken langer door

Steeds meer ouderen tussen 55 en 65 jaar werken. In 2006 werkte 41,7%, in 2005 was dat nog 39,7%. Als deze stijgende trend zich voortzet slaagt Nederland er in om te voldoen aan de afspraken die in de Europese Unie zijn gemaakt over de arbeidsdeelname van ouderen in 2010 (Lissabon-doelstellingen).
Vooral vrouwen tussen 55 en 59 jaar werken steeds vaker: in 2005 werkte 38,3% van hen, in 2006 42,7%. Dit percentage is de afgelopen tien jaar zo goed als verdubbeld. Bij mannen is een geringere stijging te zien van 72,2% in 2005 naar 73,2% in 2006.Vooral bij ouderen van 60 tot 65 jaar is nog veel winst te boeken. Het aandeel werkenden stijgt daar wel, maar is relatief gering: nu werkt 20,8% van die ouderen: 28,8% van de mannen (was 25,1% in 2005) en 12,8% van de vrouwen (was 11,5%). Gemiddeld stoppen mensen op 61 jarige leeftijd met werken. Ook is de arbeidsdeelname van mannen tussen de 45 en 55 jaar in 2006 nog steeds lager dan rond de eeuwwisseling. De werkloosheid onder ouderen ligt met 5,1% boven het landelijk gemiddelde in Nederland van 4,7%. Binnenkort start het actieteam “Talent 45+” die de werkgelegenheid voor ouderen gaat stimuleren. De samenwerking tussen werkgevers, re-integratiebedrijven, gemeenten en uitzendorganisaties zal door het actieteam worden bevorderd. Het afgelopen jaar is het gelukt om de noodzaak van langer doorwerken onder de aandacht te brengen en de beeldvorming over ouderen positief te beïnvloeden. Werkgevers en werknemers maken op basis van de CAO steeds vaker afspraken over langer doorwerken. Het gaat daarbij over zaken zoals loopbaanbegeleiding, scholing en aanpassing van de arbeidstijden voor ouderen. Veel CAO’s bevatten afspraken over leeftijdsbewust personeelsbeleid, mogelijkheden om door te werken na het pensioen en mogelijkheden voor aanpassing van de werktijden en arbeidsduurverkorting. Eerder stoppen met werken is mede als gevolg van ontmoedigende wettelijke maatregelen, in vergelijking met vijf jaar geleden veel minder populair geworden. De mogelijkheid om eerder te stoppen met werken is uit veel CAO’s verdwenen. In 2001 golden vut-afspraken voor 83% van de werknemers vallend onder een CAO, in 2006 is dat nog slechts 11%.


Leeftijdsbewust personeelsbeleid

LTO Noord projecten heeft een projectvoorstel gehonoreerd gekregen dat zich richt op een meer leeftijdsbewust personeelsbeleid op land- en tuinbouwbedrijven. De plannen daarvoor zijn voor het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid zelfs aanleiding om 40.000 euro financiële steun te verlenen. Het project richt zich op ervaren werknemers en hun werkgevers. Bij ouderen komt relatief meer ziekteverzuim voor dat te maken heeft met geestelijke problemen die voortkomen uit de relatie tussen werkgever en werknemer. LTO Noord wil voorkomen dat dergelijke situaties uitlopen in arbeidsongeschiktheid en in een strijd voor ontslag die voor de rechter moet worden uitgevochten. Dit proces kost vaak veel geld en (negatieve) energie. Het is vooral belangrijk om tijdig actie te ondernemen. Werkgevers moeten signalen van hun werknemers goed opvangen en beide partijen moeten er met elkaar over praten. De agrarische sector blijkt voortrekker op dit gebied. LTO Noord heeft complimenten gekregen van het ministerie van SZW omdat we ons als eerste richten op het geestelijk welzijn van ervaren werknemers. Dat was aanleiding om ons project te financieren. Het project gaat in september van start. Werkgevers en werknemers kunnen zich nu al aanmelden voor het project. Er is plaats voor vijftig werkgevers en vijftig werknemers. Die gaan in koppels aan de slag met het opvangen van signalen en het bespreekbaar maken van eventuele klachten. Deelname is gratis. Het project is opgezet door LTO Noord.

Meer informatie: Peter Baltus, E pbaltus@ltonoordprojecten.nl.


Meer informatie: Jules Sanders, Beleidsadviseur Economisch en Sociaal Beleid, E
jsanders@ltonoord.nl

design & development by Netexpo Internet